De Gezonde Basisschool van de Toekomst realiseert de beweging van een leer- naar een leefschool. Naast gezonde lunches is er op de Gezonde Basisschool van de Toekomst een actief sport-, spel- en cultuurprogramma. Het programma draait inmiddels op vier basisscholen in Zuid-Limburg en de resultaten zijn veelbelovend. BeBright interviewt drie nauwbetrokkenen over het ontstaan en het verloop van het programma: Andrew Simons, programmamanager Gezonde Basisschool van de Toekomst, Onno van Schayck, hoogleraar Preventieve Geneeskunde aan de Universiteit van Maastricht, en Alphons Kurstjens, directievoorzitter Rabobank Zuid-Limburg Oost. Het initiatief ontstond toen onderswijsstichting Movare constateerde dat de regio Zuid-Limburg achter liep: inwoners waren ongezonder en lager opgeleid in vergelijking met de rest van Nederland.

Andrew Simons: Ik schrok toen ik me verdiepte in de statistieken. Kinderen in Zuid-Limburg leven minder lang en hebben minder gezonde levensjaren. Daarnaast hebben ze minder perspectief op een goede toekomst op sociaal-economisch gebied. Deze achterstand wordt doorgegeven van generatie op generatie. Dit maakte grote indruk op mij; inmiddels ben ik zes jaar bezig met de Gezonde Basisschool van de Toekomst en gemotiveerder dan ooit.

Ook Alphons Kurstjens herkent de kansenongelijkheid en daarmee ook de potentie van dit initiatief.

Alphons Kurstjens: Wereldwijde trends zoals globalisering, digitalisering en kunstmatige intelligentie versterken de verschillen tussen arm en rijk en daarmee kansarm en kansrijk. Ik zie een rol voor bedrijven om bij te dragen aan een samenleving in evenwicht. Rabobank is verankerd in en succesvol dankzij de regio. Daarom is het een taak voor de Rabobank om breder aan de regio bij te dragen en dienstbaar te zijn aan die gemeenschap. Als je dit structureel aan wilt pakken moet je bij de basis beginnen. Op jonge leeftijd kan je immers écht het verschil maken. Daarom is het zo krachtig om op de basisschool te beginnen en elk kind te bereiken.

Movare zocht de samenwerking op met de Universiteit van Maastricht, Onno van Schayck hoogleraar Preventieve Geneeskunde en met de GGD, Maria Jansen, programmaleider van de Academische Werkplaats Publieke Gezondheid Limburg en tevens hoogleraar Populatiegericht Gezondheidsbeleid aan de UM. Onno van Schayck is expert op het gebied van leefstijlverandering.

Onno van Schayck: Chronische ziektes zijn in Nederland een steeds groter probleem, en met name leefstijl ligt hieraan ten grondslag. Verandering in leefstijl blijkt echter in de praktijk moeilijk. Onderzoek laat zien dat hoe ouder je wordt hoe meer je vastgeroest raakt in je patronen en gewoontes. Als je daar iets aan wilt doen, moet je echt beginnen bij kinderen.

“Hoe ouder je wordt, hoe meer je vastgeroest raakt in gewoontes”

De Universiteit van Maastricht, de GGD, kinderopvangorganisaties en Movare werken al vanaf het begin van het project samen. Ze ontwikkelden in één jaar het concept Gezonde Basisschool van de Toekomst en werkten vervolgens in co-creatie met de ouders en de scholen het programma verder uit.

Onno van Schayck: Belangrijk was om breed draagvlak te hebben; er is daarom veel gesproken met ouders en leerkrachten van de scholen. Bezwaren werden serieus genomen en plannen daarop aangepast. We hebben veel gepraat en vooral veel geluisterd. We wilden het samen doen en de invulling van het initiatief is dan ook echt in co-creatie met de ouders tot stand gekomen.

Aan de Universiteit van Maastricht is een vierjarig onderzoek afgerond waarin de Gezonde Basisschool van de Toekomst is vergeleken met gewone scholen. De resultaten zijn inmiddels gepubliceerd en veelbelovend: de kinderen hebben een gezonder gewicht, een verbeterd voedingspatroon en leefstijl, en zitten lekkerder in hun vel.

Onno van Schayck: Je ziet een significante daling van de BMI. Daarnaast is de buikomvang afgenomen, dit effect springt er echt uit. Dit is een goede voorspellende maat voor een lagere kans op chronische ziekte op latere leeftijd. Ook blijkt er minder pestgedrag te zijn.

“Ik wou dat ik nu een jong kind was en op zo’n leef-school zat”

Dat er duidelijk verschil is bij de kinderen is ook voor Andrew Simons evident.

Andrew Simons: Wat mij het meest aanspreekt is de reactie van de kinderen. Als ik nu de klas inloop tijdens lunch, zie ik echt het verschil. Wanneer de kinderen gezamenlijk eten is er een andere interactie dan tijdens de les. Kinderen hebben meer respect voor elkaar en er wordt minder gepest. De relatie tussen de ouders en de school is eveneens verbeterd en de ouders zijn veel meer betrokken.

Mede door deze goede resultaten in de afgelopen vier jaren gaat het programma breder uitgerold worden, te beginnen in Limburg.

Alphons Kurstjens: Gezonde Basisschool van de Toekomst gaat groeien, de ambitie is om het landelijk uit te rollen. Het concept werkt goed bij de eerste vier scholen en wij steunen de opschaling. Je moet dit geleidelijk doen, er is tijd nodig om het idee te verankeren in de omgeving. Rabobank draagt hier financieel aan bij en zet haar netwerk in.

Onno van Schayck: Mede door de goede resultaten is het draagvlak enorm toegenomen. Veel scholen en ouders zijn enthousiast en willen meedoen. Om het programma breed uit te rollen zijn er natuurlijk investeringen nodig. Zoals altijdmet preventieve maatregelen, lopen de kosten voor de baten uit. We hebben in ons onderzoek aangetoond dat wanneer je de kosten omrekent naar gewonnen gezonde levensjaren het programma kosteneffectief is. We hebben dus laten zien dat het echt werkt!

BeBright is trots dat ze via Diagnose Voeding en Gezondheid een bijdrage levert aan de Gezonde Basisschool van de Toekomst en draagt het programma een warm hart toe.

Meer informatie over de Gezonde Basisschool van de Toekomst is hier te vinden.

Meer weten? Neem contact op met Jules Coenen of Irene Mommers.