Limburgse vlaai bakken met kersen uit de regio, bier brouwen van overgebleven brood en regionaal geteelde gerst, en appels van de eigen bomen eten: dat is wat Zuid-Limburg graag wil. Daarom bracht Alphons Kurstjens, directievoorzitter van Rabobank Zuid-Limburg Oost, invloedrijke en enthousiaste Zuid-Limburgers samen om de mogelijkheden voor een regionaal voedselsysteem te verkennen. BeBright gaat in gesprek met twee voorlopers over het belang van en de weg naar een regionaal voedselsysteem in Zuid-Limburg.

Anya Niewierra, algemeen directeur van Visit Zuid-Limburg, de oudste VVV van Nederland: Inzetten op een regionaal voedselsysteem is allereerst belangrijk voor het landschap. Dit is immers de kurk waar het toerisme in Zuid-Limburg op drijft. Daarnaast willen we meer voedsel consumeren van eigen land en dit ook aanbieden in de horeca. Hiermee kunnen we het gevoel en het DNA van dit gebied versterken en kwaliteit leidend maken.

Ook Jan-Paul Rutten, directeur van Gulpener bierbrouwerij, onderstreept het belang van een regionaal voedselsysteem.

Jan-Paul Rutten: Naast dat er een milieuaspect aan zit – je sleept de grondstoffen niet over de wereld – vind ik sociale cohesie nog veel belangrijker. Alleen als je samen werkt aan producten met mensen uit de regio kun je gezamenlijk trots zijn op wat er ontstaat. De basis voor deze samenwerkingen zijn duidelijke afspraken en vertrouwen. Omdat je elkaars buren bent zal je elkaar niet snel een oor aannaaien. Iets moois creëren met producten die om de hoek groeien; ik kan me goed voorstellen dat het je geluk en gemoedstoestand verbetert.

Een regionaal voedselsysteem kan bijdragen aan het onderhouden van het landschap, beschikbaarheid van gezonde voeding voor de inwoners, minder vervoer en een toename van sociale cohesie. Daarnaast is er ook een belang voor ondernemers in de regio.

Anya Niewierra: De 16 gemeenteraden in Zuid-Limburg hebben in 2020 samen de nieuwe toeristische visie Bestemming Zuid-Limburg 2030 vastgesteld. Er zijn vijf pijlers gedefinieerd waar de komende jaren aan gewerkt wordt. Een regionaal voedselsysteem heeft raakvlakken met meerdere van deze pijlers. Zo zetten we bijvoorbeeld in op meer kwaliteit en minder massa. We staan als Zuid-Limburg bekend als ‘bourgondisch’, maar qua beschikbaarheid van streekproducten in onze horeca scoren we laag vergeleken met andere bekende bestemmingen in Europa. Het aanbod in veel restaurants is niet typisch Limburgs en daarmee dus inwisselbaar voor elke andere regio. Als je als gebied minder inwisselbaar wordt en mensen een unieke culinaire beleving geeft die gekoppeld is aan jouw streek, dan willen mensen wel terugkomen.

Jan-Paul Rutten: Ik hoop dat het regionaal voedselsysteem Zuid-Limburg gaat functioneren en groeien en brede bekendheid krijgt. Dan creëer je iets wat de regio naar een hoger niveau tilt. Als de regio bekend staat om haar hoge kwaliteitsproducten heeft dat uiteindelijk ook voordelen voor ons als duurzame bierbrouwerij.

Dat een regionaal voedselsysteem veel voordelen biedt voor de regio mag duidelijk zijn. Een goede opzet van dit regionale voedselsysteem is wel van groot belang.

Jan-Paul Rutten: Er bestaat een heel precair evenwicht tussen wonen, de boeren, het werk, landschap en het toerisme. Dat is eigenlijk heel mooi in evenwicht in onze regio. Een ontwikkeling zoals het regionaal voedselsysteem moet bijdragen aan verdere versterking van die samenhang. We moeten ons bewust zijn van dat evenwicht en het koesteren.

Anya Niewierra: Het is belangrijk om eerst de infrastructuur van het regionale voedselsysteem op orde te hebben. Denk hierbij aan informatie over alle producenten met hun producten en een uitstekend werkende distributie. Wie zijn de spelers? Hoe staan ze erin? Welke strategie moet je inzetten bij welke speler? Er is al een hele goede inventarisatie gedaan naar de infrastructuur van het systeem. De aanpak van deze inventarisatie kan bovendien overal toepasbaar zijn. De ‘software’ van de aanpak (bv. hoe je mensen samenbrengt) kan op meerdere bestemmingen ingezet worden en de ‘hardware’ (problematiek, de mensen) is uniek voor Zuid-Limburg. Als je een goede strategie en planning hebt, en er samen voor gaat, dan is er heel veel te bereiken.

De wil om tot een regionaal voedselsysteem in Zuid-Limburg te komen is groot. Verbinden, samenwerken en dromen zijn vaak genoemd om tot een goede realisatie te komen.

Anya Niewierra: Durf te dromen! Veel mensen weten niet hoe ze moeten dromen en over wat ze moeten dromen. Soms helpt het om hen al een stuk droom te laten zien en voorbeelden te geven. We mogen trotser zijn op wat we hebben. Zelf droom ik ervan dat we over 10-20 jaar een zogenaamde ‘GREEN destination*’ zijn, een duurzame bestemming die uitgaat van haar eigen kracht en geen kopie wil zijn van andere hotspots.

Jan-Paul Rutten: Laten we als regio deze kans aangrijpen om echt iets moois tot bloei te laten komen. Er zijn al heel veel mooie dingen en als we gaan verbinden, dan kan het alleen maar mooier worden.

BeBright gelooft in de kracht van een regionaal voedselsysteem en is trots dat ze de regio Zuid-Limburg hierbij mag ondersteunen.

Anya Niewierra: BeBright is professioneel, bescheiden en energiek. Haar analyses zijn sterk en feitelijk. Tegelijkertijd blijft het perspectief duidelijk en worden mensen in de beweging meegenomen. Zij geven doorkijkjes die verleiden naar de toekomst.

Jan-Paul Rutten: BeBright heeft dit grondig doordacht en breed opgezet. Alle verschillende belangrijke componenten zijn geïdentificeerd. Iedereen mag meedenken en meepraten. Nu moeten we al deze mensen nog aan boord houden om de kans van slagen te vergroten!

Meer weten over regionale voedselsystemen?

Neem contact op met Jules Coenen of Irene Mommers

 

* De term GREEN Destination komt van de UNWTO (United Nations Word Tourism Organisation) die een beweging naar meer duurzaam toerisme nastreeft. GREEN staat daarbij voor:

  • Genuine & Authentic
  • Responsive & Responsible
  • Economically Sustainable
  • Environmentally Sustainable
  • Nature Friendly