+31(0)30 88 879 27 office@bebright.eu

Sinds 2025 worden in heel Nederland regionale eerstelijnssamenwerkingsverbanden (RESV’s) ingericht om de eerstelijnszorg sterker en doelmatiger te organiseren. Daarmee ontstaat in iedere regio één herkenbaar aanspreekpunt voor samenwerking in de eerstelijnszorg. Maar hoe zorg je ervoor dat een RESV effectief wordt? In de regio Voorne-Putten, Goeree-Overflakkee en Rozenburg krijgt dat stap voor stap vorm.

Nu de toegankelijkheid van zorg steeds verder onder druk staat, zoeken zorgorganisaties elkaar vaker op. Een RESV biedt de noodzakelijke structuur om regionale samenwerking duurzaam te organiseren.

Voorkomen dat samenwerking vastloopt
De inrichting van een RESV is allesbehalve eenvoudig.  De eerstelijnszorg bestaat uit een brede groep disciplines, waaronder huisartsen, apothekers, wijkverpleging, paramedici en professionals uit het sociaal domein. Iedere discipline brengt een eigen perspectief mee op samenwerking en zorgorganisatie. Juist die diversiteit maakt samenwerking waardevol, maar ook uitdagend. Daarom is het essentieel dat alle disciplines goed vertegenwoordigd zijn binnen het samenwerkingsverband.

Het RESV krijgt steeds meer vorm nu de subsidieperiode richting afronding gaat en regio’s zich voorbereiden op structurele financiering door zorgverzekeraars. De aandacht verschuift daardoor geleidelijk van de inrichting van het samenwerkingsverband naar het duurzaam organiseren van de samenwerking. De centrale vraag daarbij is: hoe zorg je ervoor dat de samenwerking ook na de opstartfase blijft bestaan en daadwerkelijk bijdraagt aan een betere organisatie van de eerstelijnszorg?

In drie stappen naar een werkend RESV
De regio Voorne-Putten, Goeree-Overflakkee en Rozenburg bouwt het RESV op in drie fasen. In de eerste fase lag de nadruk op het opzetten en inrichten van het RESV.  Tijdens deze fase zijn afspraken gemaakt over de structuur van de samenwerking, besluitvorming en vertegenwoordiging van de verschillende beroepsgroepen

Om het RESV effectief te organiseren is gekozen voor een vaste overlegstructuur waarin de vijf hoofdtaken maandelijks worden besproken. Hierdoor leiden vakantie, uitval of personele wisselingen niet direct tot vertraging . Voor de paramedische disciplines is gekozen voor een gezamenlijke vertegenwoordiging: één vaste vertegenwoordiger, aangevuld met een roulerende tweede vertegenwoordiger. Zo blijft het overleg compact en uitvoerbaar, terwijl verschillende paramedische beroepsgroepen betrokken blijven bij het RESV.

Experimenteren
In de tweede fase staat het oefenen met de rol van het RESV centraal. Er wordt geëxperimenteerd met het uitvoeren van de hoofdtaken en met het positioneren van het samenwerkingsverband in de regio. Juist omdat het RESV een nieuw samenwerkingsverband is, vraagt dit tijd om te ontdekken wat werkt, waar verantwoordelijkheden liggen en hoe de samenwerking vorm krijgt in de praktijk.

Een RESV krijgt pas betekenis als professionals zich erin herkennen en eigenaarschap ervaren. Daarom organiseerde de regio op 13 april een congres voor eerstelijnszorgverleners.  Tijdens deze bijeenkomst gingen professionals uit verschillende disciplines met elkaar in gesprek over ervaringen, knelpunten en mogelijke oplossingsrichtingen.

Aan de hand van fictieve maar realistische casuïstiek werd onderzocht waar samenwerking in de praktijk vastloopt. Daarbij kwamen onder meer verwijzingen, gegevensuitwisseling en de aansluiting tussen zorg en sociaal domein aan bod. De gesprekken maakten inzichtelijk waar verbeteringen mogelijk zijn en welke afspraken nodig zijn om de samenwerking verder te versterken.

Uitbouwen en bestendigen
In de derde fase ligt de focus op het verder uitbouwen en bestendigen van de samenwerking. Door maandelijks bijeen te komen en gezamenlijk uitvoering te geven aan de hoofdtaken van het RESV ontstaat een continu verbeterproces ten aanzien van de organisatie en coördinatie van zorg in de regio. Daarbij is het belangrijk dat het gesprek plaatsvindt op tactisch en strategisch niveau en niet verzandt in individuele casuïstiek.

Regionale opgaven worden stap voor stap afgepeld en aangepakt. Door in gesprek te blijven met inwoners, zorgprofessionals en bestuurders in de regio worden verschillende perspectieven actief meegenomen in de verdere ontwikkeling van de regionale samenwerking.

Op deze manier werkt de regio toe naar een RESV dat in 2027 stevig is verankerd en daadwerkelijk bijdraagt aan een sterkere eerstelijnszorg.

Wil je meer weten over regionale eerstelijnssamenwerkingsverbanden? Neem dan contact op met Irene Mommers via irene.mommers@bebright.eu.

Meer weten?

Neem vrijblijvend contact op!