Vorige maand kondigden wij de samenwerking tussen BeBright en de Arrangementenmonitor aan. Wij bundelen onze expertises om partijen die de transformatie van zorg en ondersteuning in de regio mogelijk moeten maken beter te kunnen ondersteunen. Een van de analyse-instrumenten die we inzetten is een effectmeting van interventies.
Goede afstemming in ketenprocessen en de inzet van de juiste interventies is daarbij van groot belang en steeds vaker komen er vraagstukken naar voren om hier goed zicht op te krijgen. Vaak zijn analyses die hiervoor worden ingezet te grofmazig. Om de effecten van het ingezette beleid te meten worden veelal de data op de gehele cliëntgroep geanalyseerd. Dit laat echter een te algemeen beeld zien. De algemene trends (stijging van aantal jeugdigen met jeugdhulp) ontneemt het zicht op het effect van specifieke interventies (minder verwijzingen naar jeugdhulp door de POH Jeugd). Door de macht der getallen vallen de effecten van deze specifieke interventie weg.
Praktijkvoorbeeld: effectmeting POH Jeugd
Sinds 2015 zijn gemeenten (financieel) verantwoordelijk voor alle jeugdhulp. De toegang naar jeugdhulp is met deze stelselwijziging echter niet veranderd. Ouders en jeugdigen kunnen zich, naast de nieuwe gemeentelijke toegang (jeugdteams, wijkteams), nog steeds wenden tot de huisarts of gecertificeerde instellingen voor een verwijzing naar jeugdhulp. Hiermee hebben de gemeenten geen grip op de toegang en kosten van de geïndiceerde jeugdzorg, via de huisarts naar met name Jeugd GGZ (“de zogenaamde achterdeur”).
Gemeenten zijn dan ook sinds 2015 bezig om de verwijzing naar jeugdzorg anders in te richten, waarbij verwijzing naar preventievere en lichtere vormen van jeugdhulp (b.v. begeleiding en opvoedhulp) centraal staat. In sommige gemeenten worden praktijkondersteuners jeugd bij de huisarts (POH Jeugd) ingezet, die de eerste screening doen bij vragen van jeugdigen en ouders, daar waar mogelijk zelf met een kortdurende begeleiding helpen en indien nodig verwijzen naar de geïndiceerde jeugdzorg.
Vijf jaar naar de decentralisaties blijkt echter dat het aantal jeugdigen met jeugdhulp in nagenoeg alle gemeenten met ca. 10% gestegen is. Ook in de gemeenten die de POH Jeugd hebben ingezet. Veel gemeenten kampen dan ook met grote tekorten op de jeugdzorg. Is deze aanpak, c.q. interventie dan mislukt? Een goede analyses en effectmeting van de interventie is noodzakelijk om hierop antwoord te geven.
Analyses van interventie laat effect zien
Om de daadwerkelijke resultaten van de POH Jeugd inzichtelijk te maken zal dus ingezoomd moeten worden op gegevens vanuit de interventie zelf. Zo is in de Arrangementenmonitor voor een gemeente inzichtelijk gemaakt hoe de hulpvragen via de POH Jeugd opgepakt worden. Dit laat zien dat meer dan de helft van de hulpvragen/cases door de POH Jeugd zelf succesvol zijn afgesloten met gemiddeld ca. 6 sessies. Slechts 28% is naar Jeugd-GGZ en 8% naar geïndiceerde Jeugdhulp doorverwezen. Dit geldt voor alle soorten hulpvragen.
De doelstelling van de POH Jeugd zijn dus ruimschoots gehaald: een aanzienlijk deel van de jeugdigen, die voorheen “automatisch” werden doorverwezen door de huisarts naar geïndiceerde jeugdzorg, wordt nu met een relatieve lichte interventie (begeleiding door POH Jeugd) geholpen
In oktober 2019 is het landelijk programma 2diabeat gestart. Het programma komt voort uit het Nationaal Preventieakkoord en is gericht op het realiseren van een trendbreuk in de toename van diabetes type 2 in Nederland door de inzet van leefstijlinterventies.
De opmars van diabetes type 2
De prevalentie van diabetes type 2 laat al jaren een stijgende lijn zien. Onder meer door vergrijzing en onze leefstijl krijgen steeds meer mensen te maken met deze aandoening. Diabetes is een chronische aandoening met grote impact op iemands leven. Onder andere door de intensieve zelfzorg die nodig is, wordt diabetes ook gezien als psychisch één van de meest belastende ziektes. De epidemische toename van de veelal leefstijl-gerelateerde aandoening, zet druk op de duurzaamheid van ons zorgstelsel en geeft zorgen over de vitaliteit van de samenleving als geheel.
Om een vraagstuk van dergelijke omvang aan te pakken is samenwerking tussen partijen, die hierin van betekenis zijn, noodzakelijk. Het programma 2diabeat faciliteert het samenbrengen van deze partijen. Het programma heeft daarmee voor ogen om de kennis en ervaring die in het veld voorhanden is, bij elkaar te brengen, te benutten en te verrijken. VWS heeft het kwartiermakerschap voor 2diabeat belegd bij stichting VitaValley, die samen met de Nederlandse Diabetes Federatie, het Diabetes Fonds, Diabetesvereniging Nederland en BeBright het programma uitvoert.
Na de voorbereiding in de kwartiermakersfase start het programma in 2021 De kwartiermakersfase kent twee fasen: een ontwerp- en een realisatiefase. Tijdens de ontwerpfase wordt de maatschappelijke opgave nader geduid, interventies, stakeholders en implementatiepartners geïnventariseerd, segmenten van mensen met (verhoogd risico op) diabetes worden geïdentificeerd en we stellen een veranderagenda en een impactmodel op. De opbrengst van de ontwerpfase wordt gedeeld tijdens een conferentie eind maart.
Tijdens de realisatiefase worden de potentieel meest impactvolle segmenten geselecteerd en verdiept, wordt een passende aanpak voor de segmenten ontwikkeld, verbinden en versnellen we interventies t.b.v. de aanpak, selecteren we pilotregio’s en starten pilots op, ontwikkelen we een programmaplan en werken we aan financiering voor het programma.
Programma 2diabeat en de doelen In het programma wordt de vastgestelde aanpak in de kwartiermakersfase geïmplementeerd. Nieuwe segmenten van mensen met diabetes worden verdiept om een passende aanpak vast te stellen en te implementeren. Tevens wordt de maatschappelijke impact periodiek inzichtelijk gemaakt. Binnen de landelijke community of practices worden opgedane kennis en ervaringen gedeeld. Het acht jaar durende programma start in 2021 en geeft invulling aan de volgende doelen:
Een trendbreuk van de toename van het aantal mensen met diabetes type 2
Landelijk impact model waar regionaal aan gespiegeld wordt
Maatschappelijk bewustzijn over de inzet van leefstijlinterventies
Van een medische richtlijn nu naar een breder palet aan interventies gericht op leefstijlbevordering en terugdringen van prevalentie en waar nodig verdieping van bestaande richtlijnen hierop
Dat het realiseren van de transformatie van de zorg en sociaal domein in Nederland om goede regionale samenwerking vraagt, is inmiddels breed gedragen. Een gedeeld beeld van de opgave voor de regio is essentieel om passende, goed op elkaar afgestemde en toekomstbestendige zorg en ondersteuning te bieden. De verkokering van zorg en ondersteuning vanuit verschillende wetten en financieringsstromen bemoeilijkt het verkrijgen van dit beeld. De uitwisseling, het beheer en vooral de toepassing van data komt nog onvoldoende van de grond. De gewenste verschuiving van tweedelijnszorg naar de eerste lijn en het sociaal domein (gemeenten) werpt met de bijkomende verschuiving van kosten barrières op. Goede onderbouwing op basis van data is noodzakelijk om barrières te doorbreken en de transformatie mogelijk te maken. BeBright en de Arrangementenmonitor slaan de handen ineen om dit in samenwerkingsregio’s mogelijk te maken.
Ecosysteembenadering voor maatschappelijke vraagstukken in de regio BeBright heeft de afgelopen 10 jaar in publicaties uit de Diagnosereeks, zoals Diagnose 2025 en Diagnose Zorginnovatie, het gedachtegoed over het toekomstbestendig inrichten van onze zorg uiteengezet. Het denken vanuit een ecosysteem van partijen die gezamenlijk een ‘coalition of the willing’ en ‘coalition of the doing’vormen om een doorbraak te realiseren op maatschappelijke vraagstukken staat daarbij centraal. Als katalysator heeft BeBright bijgedragen aan het opzetten van diverse regionale samenwerkingen met onderbouwing uit data als belangrijke basis voor de maatschappelijke opgave. Met BeBright Analytics helpen wij regio’s met het verkrijgen van een gedeeld beeld en het komen tot datagedreven besluitvorming en besturing. In de samenwerking met de Arrangementenmonitor versterkt BeBright zich met specifieke kennis over data in het sociaal domein.
Arrangementenmonitor: meer doen met data Sinds 2015 ondersteunt de Arrangementenmonitor gemeenten en zorgpartners met de monitoring van hun samenwerking en gezamenlijk transformatie-opgave. De Arrangementenmonitor is een brede integrale monitor waarin gegevens van gemeentelijke ondersteuning (Wmo, Jeugd en Participatiewet), Zvw, UWV en GGD bij elkaar worden gebracht, geanalyseerd en op wijk- en/of doelgroepniveau worden gepresenteerd. De Arrangementenmonitor wordt in de regio’s gebruikt voor beleidsanalyse, bepalen van in te zetten beleid en het meten van de samenwerking. Zo wordt in de aanpak Blauwe zorg in Maastricht de Arrangementenmonitor gebruikt om de effecten van gezamenlijke ingezette interventies te meten en (bij positieve resultaten) vervolgens ook gericht uit te rollen naar andere wijken of doelgroepen. Benchmarking aan de hand van vergelijkbare wijkprofielen is mogelijk met de groep deelnemende gemeenten (in totaal ca. 1,4 miljoen inwoners en 300 wijken). Door de samenwerking met BeBright kan de expertise op het gebied van gezondheidszorg worden toegevoegd aan de integrale monitor.
Waarde van data maken in de regionale samenwerking Met hun complementaire kennis en expertise kunnen BeBright en de Arrangementenmonitor regio’s ondersteunen om meer waarde uit hun data te halen.
Afhankelijk van het doel, het beoogde inzicht of de gewenste verandering zijn een breed scala aan toepassingen mogelijk die de samenwerking in regio’s en het toekomstbestendig inrichten van zorg bevorderen. Bij een goede samenwerking horen heldere afspraken tussen organisaties over het gezamenlijk monitoren, het uitwisselen van data, databeheer, -eigenaarschap, -beleid en -standaarden. Naast de inrichting van deze datagovernance ondersteunen BeBright en de Arrangementenmonitor regionale samenwerkingsverbanden bij:
Analyse van trends en ontwikkelingen (bijvoorbeeld zorgvraagontwikkeling)
Analyse en selectie van doelgroepen en gebieden (gemeenten, wijken en buurten)
Analyse van ketenprocessen en samenwerking
Benchmarking
(Maatschappelijke) businesscases en scenarioanalyses
Het toekomstbestendig inrichten van de curatieve zorg vraagt om ontvlechting naar acute, chronische, electieve en hoog complexe zorg. Deze ontvlechting biedt kansen om de zorg anders te organiseren en financieren. Saskia van Miert heeft tijdens haar stage bij BeBright voor haar masterscriptie onderzoek gedaan naar uitkomstgerichte bekostiging voor chronische zorg. In dit blogartikel delen wij enkele inzichten uit het onderzoek. Deze zijn verkregen door het voeren van gesprekken met bestuurders van zorginstellingen, verzekeraars en experts binnen het veld.
De huidige financiering van curatieve zorg, middels Diagnose-Behandel-Combinaties (DBC’s), geeft een (perverse) prikkel tot productie. DBC’s geven een overzicht van de activiteiten van de zorginstelling die voortkomen uit de zorgvraag. In de ideale situatie draagt de inrichting en financiering van chronische zorg bij aan de doelstellingen van de Quadriple Aim: verbeterde patiëntervaring, verbeterde toegankelijkheid en populatiegezondheid, vermindering van zorg- en ondersteuningskosten en verbeterd welzijn van zorgverleners. Uitkomstgerichte bekostiging kan de prikkel tot productie wegnemen en bijdragen aan de doelstellingen van de Quadriple Aim. Er zijn verschillende vormen van uitkomstgerichte bekostiging voor chronische zorg: shared savings, pay-for-performance en populatiebekostiging. Al deze vormen vinden echter nog maar in beperkte mate plaats in de praktijk. In dit blogartikel delen wij zes succesfactoren uit het onderzoek van Saskia van Miert om het realiseren van uitkomstgerichte zorg mogelijk te maken.
Succesfactoren voor uitkomstgerichte bekostiging
Transformatie-aanpak Het maatschappelijk belang voor het anders inrichten van de zorg bleek evident. Hoewel velen zich nog in het beginstadium van de doorvoering van uitkomstgerichte bekostiging bevonden, werd unaniem erkend dat het een complexe verandering betreft. Een complexe verandering die vraagt om flexibiliteit en een transformatie-aanpak. Daarbij is het nodig om vanuit een duidelijke visie te experimenteren en anders te organiseren alvorens er kan worden opgeschaald. Bij iedereen was het uitgangspunt de Quadriple Aim. Opvallend was dat men zich voornamelijk bezighield met de kwaliteit van zorg, en niet zozeer met het verhogen van de patiënttevredenheid of het verlagen van kosten. Hoge kwaliteit van zorg was voor de respondenten het uitgangspunt in een gefaseerde aanpak, waar uiteindelijk ook toegevoegde waarde ontstaat op de andere doelen.
“We leven in een veranderende wereld in plaats van uitgekristalliseerd. Daarom moeten we voor uitkomstgerichte financiering buiten de lijnen gaan kleuren en dat vraagt om flexibiliteit. De waarheid die we vandaag verkondigen, is misschien niet de waarheid van morgen.”
Leiderschap & cultuur De huidige cultuur is gericht op productie. Een productiegerichte cultuur moet worden doorbroken, wat niet alleen vraagt om toewijding en doorzettingsvermogen, maar ook om een andere mindset. Een gedreven leider met een heldere visie en ambitie blijkt onmisbaar bij het realiseren van verandering, en in het bijzonder van een cultuuromslag. Leiderschap niet alleen van bestuurders, maar van boegbeelden uit de organisatie die dit zichtbaar uitdragen. Lef van organisaties en leiders die experimenteren wordt beloond.
“Veel is gericht op productie. Ik denk dat dat is geleerd tijdens de studie geneeskunde, en ik denk dat het doordrongen is in elke laag van de samenleving.”
Transparantie, verantwoordelijkheid en vertrouwen De verantwoordelijkheid van zorgverlener en –instelling neemt toe bij uitkomstgerichte zorg. Transparantie over (ervaren) kwaliteit en medische keuzes is hierbij een belangrijke voorwaarde. De zorgverleners dienen hier zelf initiatief in te nemen, echter blijkt dit een paradox. Aan de ene kant vraagt men om meer transparantie, maar om dit zelf toe te passen lijft lastig. Dit betekent namelijk dat iedereen kan inzien hoe men presteert en dat brengt een bepaalde mate van kwetsbaarheid met zich mee. Vertrouwen in elkaar is daarom essentieel om transparantie te kunnen realiseren. Gemeenschappelijke doelen stellen, meerjarige afspraken met zorgverzekeraars, zelf een actieve rol spelen of samenwerken met een externe partij kan het vertrouwen in elkaar bevorderen.
“Als je je uitkomsten niet kent dat is gewoon onethisch. Dus dat legitimeert sowieso dat je dat moet meten en daarover transparant moet zijn”
Samenwerking en communicatie
Door een gebrek aan eenduidige terminologie van uitkomstgerichte bekostiging ontstaat er vaak miscommunicatie tussen de verschillende betrokken partijen. Ondanks dat het DBC-systeem nadelige prikkels met zich meebrengt, heeft het wel voor een gemeenschappelijke taal gezorgd. Om gemeenschappelijke doelen te kunnen stellen en een toekomstbestendige samenwerking te kunnen vormen, is investeren in communicatie cruciaal.
Wet- en regelgeving en ICT-infrastructuur Wet- en regelgeving en de ICT-infrastructuur zijn een veel gebruikt excuus om een andere vorm van bekostiging te realiseren. Binnen de huidige wet- en regelgeving is echter veel mogelijk, maar het vraagt wel om een nauwkeurige operationalisering van de regelgeving binnen de eigen organisatie. Daarnaast dient de ICT-infrastructuur op orde te zijn, om o.a. administratielast zo veel mogelijk te minimaliseren.
Intrinsieke en extrinsieke motivatie
De verschillende betrokken partijen zijn zowel intrinsiek als extrinsiek gemotiveerd om uitkomstbekostiging te realiseren. Intrinsieke factoren bleken vooral: zorg leveren waarvoor men is opgeleid, bij kunnen dragen aan preventie en het verhogen van de patiënttevredenheid. Extrinsieke factoren bleken vooral: meerjarige afspraken met zorgverzekeraars en financiële beweegredenen.
Uitkomstbekostiging wordt door Eijkenaar en Schut (2015) gedefinieerd als volgt: “Een zo eenvoudig mogelijk, vraag gestuurd bekostigingssysteem dat expliciet is gericht op het stimuleren van zorgaanbieders tot het realiseren van goede uitkomsten van zorg in termen van kwaliteit, kosten, coördinatie en preventie, en dat tevens stimuleert tot kosteneffectieve innovatie en geen prikkels bevat voor ongewenst gedrag.”[1]
Daarnaast onderzochten zij welke dimensies en randvoorwaarden belangrijk zijn voor het realiseren van uitkomstgerichte bekostiging. Deze dimensies en randvoorwaarden zijn in dit onderzoek als basis gebruikt in de gesprekken met mensen uit het veld om de succesfactoren te identificeren.
De vijf dimensies zijn:
goede kwaliteit van zorg
kostenbewust gedrag
goede coördinatie en doelmatige substitutie
kosteneffectieve innovatie
en effectieve preventie
De randvoorwaarden zijn als volgt:
afbakening van de populatie
definiëren van de zorgbundels
risicodragende aanbieders
basisbekostiging
waarborgen van kwaliteit
ICT-infrastructuur
gezonde concurrentie
wederzijds vertrouwen
juridische belemmeringen en
eenvoud en uitvoerbaarheid
Dit blogartikel is gebaseerd op het masterscriptie ‘Revision of the funding for chronic care: By studying the necessary conditions for the implementation of outcome- oriented funding’ van Saskia van Miert, geschreven voor het masterprogramma Management, Policy Analysis & Entrepreneurship in Health and Life Sciences.
Met zijn Health Dance Movement (HDM) wil Andrew Greenwood — voormalig balletdanser — een grootse beweging starten om met dans een positieve impact te hebben op de levens van zoveel mogelijk ouderen die kampen met aandoeningen.In een sterk vergrijzend Nederland kent de zorg veel uitdagingen. Door de krappe arbeidsmarkt en de afname van het aantal mantelzorgers is het nog maar de vraag of er genoeg mensen zijn om alle zorgvragen af te vangen. Gelukkig zijn er mogelijkheden om in te spelen op het toekomstbeeld dat voor ons ligt. Zo liggen er grote kansen in het investeren in initiatieven zoals HDM, die de zorgvraag kunnen verminderen of voorkomen. BeBright ondersteunt Andrew Greenwood hierin.
Zijn danslessen zijn gericht op mensen met ziektebeelden die bij ouderen vaak voorkomen: dementie, artritis en Parkinson. In de twee uur durende danslessen worden de deelnemers meegenomen in een wereld waarin zij hun aandoening even vergeten en ervaren wat ze nog wèl met hun lichaam kunnen doen. Maar er wordt niet alleen gedanst; er is ook alle aandacht voor het mentale aspect van het leven met een aandoening en er vinden er groepsgesprekken plaats.
BeBright presented a very strategic and clear overview of a considerably complex creative endeavour. The intervention focuses on maximising individual’s ability to participate in meaningful activities. This is a relatively new approach and thanks to the commitment made by BeBright we have a very clear road map to explain the impact of such an endeavour. – Andrew Greenwood, founder HDM and former ballet dancer
Om deze movement een kick-start te kunnen geven is er financiering en een solide business case nodig. In de afgelopen maanden is er door BeBright een impact framework ontwikkeld. In dit framework —dat als basis dient voor het meten van maatschappelijke impact — zijn alle benodigdheden (denk bijvoorbeeld aan geld, docenten en een netwerk) voor het programma en haar potentiële maatschappelijke waarde in kaart gebracht. Om deze waarde te achterhalen is een literatuuronderzoek uitgevoerd naar wetenschappelijke studies over vergelijkbare dans- en muziekprogramma’s. Deze studies laten zien dat de kwaliteit van leven en de fysieke en mentale gezondheid vooruit kan gaan door het deelnemen aan danssessies. Ook blijkt uit een eerste pilot van HDM dat deelnemers en hun partners dolenthousiast zijn over de impact die de lessen hebben op hun levens. Voor de opstart is startfinanciering benodigd maar met de verwachte effecten is HDM binnen enkele jaren een onderbouwd welzijnsprogrammma dat dan financieel op haar eigen benen kan staan.
The impact framework Health Dance Movement is a clear and graphical presentation. It’s very helpful for presenting to potential partners. We all know dance used in an inspiration manner is beneficial for health improvement. But it’s very hard for people to understand its impact from the perspective of health and economics. Therefore, this presentation is a great guideline for us to explain the input, activities, output and most importantly the outcomes! – Andrew Greenwood, founder HDM and former ballet dancer
Afgelopen maand organiseerde HDM een symposium in Elizabeth Tweesteden Ziekenhuis in Tilburg. BeBright-collega Irene Mommers ging met de zaal in gesprek over de noodzaak van preventie en de maatschappelijke waarde-creatie van preventie door dansen. Op het symposium waren ook deelnemers van de HDM-sessies aanwezig. Irene vond het bijzonder om te zien hoe hun ogen beginnen te sprankelen wanneer ze erover spreken. De volgende stap voor deze Health Dance Movement is een brede en gefinancierde uitrol in Nederland waarbij zij elke vorm van hulp kunnen gebruiken.
Ben of ken je iemand die iets voor Health Dance Movement kan betekenen (bijvoorbeeld in de vorm van financiële steun of het implementeren van een dansprogramma in jouw omgeving)? Neem dan contact op met andrew@switch2move.com.
Wil je meer weten over hoe een impact map de positionering van jouw sociale onderneming kan ondersteunen? Neem dan graag contact op met Arjo Mans via arjo.mans@bebright.eu of via +31 (0)6 53 64 83 29.
BeBright ondersteunt Roche in het zetten van stappen naar geïntegreerde en digitaal ondersteunde diabeteszorg bij twee ziekenhuizen. Diabetes heeft een grote impact op het leven van een diabetespatiënt, de zorg en de samenleving. Het aantal diabetespatiënten neemt nog steeds toe. Voor hen is het van groot belang om inzicht te hebben in het effect van voeding, beweging en andere leefstijlfactoren op hun glucoseniveaus. Momenteel wordt de eerste fase van implementatie binnen de ziekenhuizen opgestart. De geboden technologische oplossing is gericht op zowel de patiënt, de medisch specialist en de diabetesverpleegkundige.
Technologie slechts een enabler in transformatie van diabeteszorg De transformatie naar integrale persoonlijke diabeteszorg vraagt niet alleen om het implementeren van technologie. Het volledige zorgproces ondergaat een transformatie. In het programma bij de ziekenhuizen is expliciet aandacht voor:
Bevorderen van eigen regie en zelfmanagement van patiënten
Transformatie van het zorgproces
Ontwikkelen van een passend business- en financieringsmodel
Implementatie en doorontwikkeling van technologie
Met een kort-cyclische aanpak wordt in een drietal werkgroepen in sprints toegewerkt naar de herinrichting van zorg waarbij de patiënt centraal staat. De werkgroepen richten zich op de technologische ontwikkeling, het businessmodel en de bijbehorende financiering, en het zorgtransformatie proces waarin aandacht is voor value based healthcare en juiste zorg op de juiste plek. In het voortraject is de uitgangssituatie in de ziekenhuizen in kaart gebracht middels interviews met betrokkenen en een verdieping op de patiënt journey. Het programmaplan is in samenwerking met de ziekenhuizen opgesteld. Roche verkent de mogelijkheden om geïntegreerde en digitaal ondersteunde diabeteszorg verder te ontwikkelen en in meerdere ziekenhuizen in te zetten
We maken gebruik van cookies en andere technologieën om jouw ervaring op onze website te optimaliseren. Hiermee kunnen we informatie opslaan en analyseren, zoals je surfgedrag en unieke voorkeuren. Door akkoord te gaan, help je ons om de site nog beter af te stemmen op jouw wensen. Wil je liever geen cookies? Geen probleem, maar houd er dan rekening mee dat sommige functies mogelijk niet optimaal werken.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.