De gemeente Veldhoven was op zoek naar een aanpak waarmee zij meer onderbouwing kon aanbrengen in haar nieuwe beleid. Door deelname aan de masterclass ‘de gemeente voorbij de horizon’, die door BeBright wordt verzorgd binnen de VNG Academie, kwam zij op het spoor van scenarioplanning. BeBright verzorgde een masterclass exclusief voor de gemeente Veldhoven en liet de organisatie kennismaken met scenarioplanning als proces en instrument om een goed fundament te realiseren voor haar beleid en strategie vanuit een lange termijn perspectief. Deze manier van denken kan beleidsmakers bewust los maken van een ‘verkokerde blik op een waarschijnlijke toekomst’. De gemeente Veldhoven is enthousiast over de aanpak:“Heel waardevol om zo gestructureerd andere opties toe te laten en te doordenken”.
Onzekere toekomst vraagt om meer inzicht
De aanleiding voor deze masterclass lag in de onzekerheid over de toekomstige ontwikkelingen en de impact die deze ontwikkelingen hebben op de gemeente en gemeenschap. Deze ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld de veranderende bevolkingssamenstelling, veranderende behoeften, financiële uitdagingen in het sociaal domein, toenemende zorgvraag, economische ontwikkelingen en impact van keuzes gemaakt in het verleden. Begrip en inzicht is gewenst om te komen tot robuuste beleidsopties voor de toekomst. Met de gemeente Veldhoven hebben wij de gebiedsontwikkeling van de Zilverackers als basis genomen en een meer brede vraag geformuleerd: Hoe ziet wonen & leven eruit in de toekomst in Veldhoven 2035?
Trendanalyse als basis voor scenario-ontwerp
Samen met ambtenaren vanuit verschillende domeinen en achtergronden is bepaald welke (deel)trends en ontwikkelingen relevant zijn. Vervolgens is gekeken naar de wijze waarop trends en ontwikkelingen zich tot elkaar verhouden, en naar de specifieke impact en onzekerheid in relatie tot de onderzoeksvraag. De clustering van alle trends met hun lokale effect bood in zichzelf al nieuwe inzichten en een solide basis voor het vervolg. Geconstateerd werd dat veel kennis over ontwikkelingen weliswaar beschikbaar was, maar dat door daar samen gestructureerd naar te kijken de trends en ontwikkelingen concreter gemaakt konden worden.
Vervolgens zijn de trends geordend naar de mate van impact en onzekerheid. De meest impactvolle en onzekere trends dienen daarbij als basis voor het scenario-ontwerp. Samen met de deelnemers aan de masterclass is gekozen voor economische groei of krimp op lange termijn en de regionale bestuurlijke ontwikkelingen. Met deze twee trends kunnen vier alternatieve toekomstbeelden worden geschetst: het scenario-framework.
.Via scenario-framework naar een uitwerking van beleidsopties
In de volgende stap zijn de deelnemers aan de slag gegaan met het realiseren van het scenario-framework. Hierbij hebben zij gekeken naar wat concrete beelden zijn in 2035 op basis van demografie, economie, politiek, ecologie (duurzaamheid), sociaal-maatschappelijk en technologie. Met deze beelden hebben zij op een creatieve manier invulling gegeven aan hun scenario en de verwachte ontwikkelingen op weg naar 2035. In het laatste deel van de masterclass zijn de beelden van de scenario’s gebruikt om vanuit de grootste uitdagingen binnen de scenario’s en met de onderzoeksvraag in het achterhoofd te kijken naar beleidsopties en deze concreet uit te werken. De deelnemers hebben gedurende 3 dagen kennisgemaakt met verschillende instrumenten en het proces van scenarioplanning en ontwikkeling van beleidsopties. Voor velen was het een verfrissende benadering die opvolging verdient bij de uitwerking van vraagstukken van de toekomst. Aan het enthousiasme zal het in elk geval niet liggen!
De Nederlandse bevolking groeit en vergrijst. Verwacht wordt dat in 2040 de zorgkosten verdubbeld zijn naar 174 miljard euro. De betaalbaarheid, kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg komen daarmee onder druk te staan. Substitutie van tweedelijnszorg naar de eerste en nulde lijn wordt vaak genoemd als een van de oplossingen om de kosten te beheersen. Uit de cijfers van Vektis blijkt dat het totaal aantal patiënten binnen de medisch specialistische zorg (MSZ) over de periode 2012-2016 met 2,1% licht gedaald is (Figuur 1). De verschillen tussen typen aandoeningen zijn echter groot. In absolute aantallen is het aantal patiënten binnen Oogziekten en Letsel en vergiftiging het hardst gedaald, daarentegen is het aantal patiënten binnen Nieuwvormingen (verzamelnaam voor alle kwaadaardige (kanker) en goedaardige gezwellen) verreweg het meest toegenomen. In deze blog kijken we specifiek naar de regionale zorgvraag en -kosten van Nieuwvormingen en Hart- en vaatziekten.
Vergrijzing in provinciale gebieden heeft sterk invloed op regionale zorgvraag
De vier grootste patiëntengroepen binnen de medisch specialistische zorg zijn Oogziekten, Ziekten van botspierstelsel en bindweefsel, Nieuwvormingen en Hart- en vaatziekten (Figuur 2). De aandoeningen binnen Nieuwvormingen en Hart- en vaatziekten worden vaak in verband gebracht met leefstijl en komen ook veelal voor op latere leeftijd voor. In 2016 is 18,9% van de Nederlandse bevolking 65 jaar of ouder. Het aandeel 65+’ers per gemeente (Figuur 3) ligt in met name de provincies Friesland, Groningen, Drenthe, Limburg, Zeeland en de regio Achterhoek hoger dan landelijk gemiddeld. Prognoses van het CBS laten eveneens zien dat deze gebieden richting 2040 sterker vergrijzen. De regionale verschillen in zorgvraag zullen als gevolg hiervan toenemen.
Dubbele stijging binnen Nieuwvormingen: zowel het aantal patiënten als de zorgkosten per patiënt nemen toe
Nieuwvormingen vormt een grote patiëntengroep binnen de medisch specialistische zorg. Bovendien is het aantal patiënten over de periode 2012-2016 met 13,6% sterk gestegen en zijn ook de kosten per patiënt met 10,5% toegenomen.
Van de totale Nederlandse bevolking is 6,8% in 2016 in het ziekenhuis geweest met een aandoening binnen de ziektegroep Nieuwvormingen (Figuur 4). Opvallend is dat voor veel gemeenten in de Randstad dit percentage even hoog of soms zelfs hoger is, terwijl dit een relatief jonge omgeving is. Daarnaast valt op dat in meer vergrijsde gebieden (Figuur 3) het aandeel patiënten Nieuwvormingen meestal hoger ligt (Figuur 4). Kijk daarbij bijvoorbeeld naar de oostelijke regio’s Drenthe, Oost-Groningen, de Achterhoek en Limburg. Door in het kaartje op een gemeente te klikken kunnen per gemeente de cijfers worden bekeken.
Waar in 2012 de kosten per patiënt gemiddeld €1830,- bedroegen binnen Nieuwvormingen, is dit gestegen naar €2021,- in 2016. In Figuur 5 worden de kosten per patiënt, per gemeente weergegeven. Vooral in het noorden van het land liggen de kosten in 2016 een stuk hoger dan in de rest van Nederland. In Noord-Limburg zijn de kosten per patiënt over de periode 2012-2016 in sommige gemeenten juist gedaald, terwijl het aantal patiënten hier procentueel gezien harder is toegenomen dan in Nederland.
Figuur 4. Aandeel patiënten Nieuwvormingen t.o.v. aantal inwoners per gemeente (2016)
Duidelijk verband tussen vergrijzing en aandeel hart- en vaatpatiënten
In de meer vergrijsde gebieden Drenthe, Limburg en de Achterhoek is het aandeel hart- en vaatpatiënten ten opzichte van het aantal inwoners (Figuur 6) hoger dan landelijk (6,9%). Het totaal aantal hart- en vaatpatiënten is in Nederland over de periode 2012-2016 echter redelijk stabiel gebleven, waar de kosten per patiënt met 3,0% gestegen zijn.
Gemeente Hoogeveen spant de kroon: 10,9% van het aantal inwoners heeft in 2016 het ziekenhuis bezocht voor hart- en vaatzorg. Ook in de regio’s Oost-Groningen en Zuid-Friesland, is het aandeel hart- en vaatpatiënten hoger dan in de rest van Nederland.
De kosten per patiënt zijn binnen Hart- en vaatziekten gestegen van €1603,- in 2012 naar €1650,- in 2016. Wanneer we Figuur 5 en Figuur 7 naast elkaar leggen, valt op dat onder andere in de regio’s ‘s-Hertogenbosch-Oss, Leeuwarden, Meppel en de gemeenten ten zuidwesten van Eindhoven, voor beide ziektegroepen de kosten hoger liggen dan het Nederlands gemiddelde.
Figuur 6. Aandeel patiënten Hart- en vaatziekten t.o.v. aantal inwoners per gemeente (2016)bekijk in volledig scherm
Figuur 7. Kosten per patiënt binnen Hart- en vaatziekten per gemeente (2016)bekijk in volledig scherm
Grote regionale verschillen vragen om regionale aanpak en samenwerking
De verschillen tussen regio’s nemen richting de toekomst naar verwachting toe als gevolg van de vergrijzing en ontgroening. Om de gezondheidszorg kwalitatief, betaalbaar en toegankelijk te houden is intensieve samenwerking tussen verschillende partijen in de regio steeds belangrijker. Met het oog op het toenemende aandeel mensen met een complexe, multimorbide zorgvraag, zal regionale netwerkzorg steeds beter passen richting de toekomst.
In Medisch Specialist 2025 is de ontvlechting van de curatieve zorg in vier typen zorgaanbod (Figuur 8) omschreven die mede door de technologische ontwikkelingen op verschillende manieren ingericht zullen worden. De inrichting van de hoogcomplexe zorg vraagt vanuit sturing op kwaliteit en patiëntwaarde een verdere concentratie. Terwijl de chronische zorg deconcentreert en in samenwerking met de eerste, en in de toekomst nulde lijn, steeds dichter bij mensen thuis georganiseerd wordt. Om hier in uw regio vorm en invulling aan te geven zijn intensieve regionale samenwerking en een gezamenlijk beeld van impactvolle regionale ontwikkelingen en uitdagingen van cruciaal belang.
Dit blogartikel is geschreven door BeBright Analytics. Als u inzicht wilt verkrijgen in ontwikkelingen en uitdagingen voor uw regio of vragen heeft over dit blogartikel kunt u contact opnemen met Arjo Mans (arjo.mans@bebright.eu)
Als opening van de Zorg & ICT beurs 2018 heeft BeBright samen met Zorg & ICT op 17 april het congres Zorgtransformatie georganiseerd. In een ochtend werd het publiek, veelal grensverleggers in de zorg, meegenomen in de wereld van zorgtransformatie.
Na het welkomstwoord van Albert Arp (CEO Jaarbeurs), nam Lea Bouwmeester het over als dagvoorzitter. Start van het programma was de lancering van de nieuwe publicatie Diagnose Transformatie: Toolkit voor grensverleggers in de zorg. Het eerste exemplaar werd door Philip Idenburg en Monique Philippens overhandigd aan een vertegenwoordiging van het zorglandschap, bestaande uit Dianda Veldman (Patiëntenfederatie Nederland), Michel van Schaik (Rabobank), Bertine Lahuis (Radboudumc) en Bas van den Dungen (VWS).
Waarom transformeren?
Bas van den Dungen sprak de aanwezigen toe. Hij benadrukte dat enkel kijken naar substitutie van de tweede naar de eerste lijn niet de oplossing is, maar dat we mogelijk moeten maken dat de juiste zorg op de juiste plek wordt verleend.
Aansluitend betrad Niek van den Adel (Managing partner BeLight) het podium. Hij zette haarscherp neer waarom we terug moeten naar bedoeling: de essentie van waarom we doen wat we doen in de zorg. Volgens Niek moet die intrinsieke motivatie aan de basis staan van de benodigde transformatie, in plaats van veranderen vanuit de systeem wereld. Met zijn persoonlijke verhaal over dwarslaesie maakte hij duidelijk waarom het zo belangrijk is dat de wens van patiënten aan het begin van die transformatie staat.
Vervolgens nam Jonathan Sheffi (Director Life Sciences & Genomics Google) de zaal mee in de wereld van machine learning en de onmiskenbare mogelijkheden die dit biedt voor de transformatie van de gezondheidszorg. Zijn voorbeelden – bijvoorbeeld over hoe machine learning wordt ingezet om retinopathie (veelvoorkomende complicatie bij diabetes, waarbij het netvlies is beschadigd) in India aan te pakken – lieten zien hoeveel winst er nog te behalen is de komende decennia met deze technologie.
Transformatie in de praktijk
Na de pauze stond er een paneldiscussie op het programma met ervaringsdeskundigen op het gebied van transformatie. Jolande Tijhuis (Bestuursvoorzitter Vincent van Gogh), Rob Hoogma (Bestuursvoorzitter Siza) en Geert van den Enden (Algemeen directeur ziekenhuis Bernhoven) vertelden in 2 minuten wat de grootste uitdaging is geweest bij de transformatie van hun organisatie. Daarna gingen zij onder leiding van Lea Bouwmeester in gesprek met elkaar over transformatie in de praktijk.
Geert van den Enden vertelde over zijn visie om van Bernhoven het meest mensgerichte ziekenhuis te maken. “In essentie zijn we erin geslaagd ons denken te veranderen. We vroegen ons af: als we echt vanuit de patiënt denken, wat voor zorg moeten we dan verlenen?”. Rob Hoogma vertelde dat bij Siza de zorg en ondersteuning niet meer aansloten bij de veranderende behoeftes van cliënten. “Het is toch gek dat wij mensen dwingen om zich aan te passen aan de werkwijze van Siza? Wij hebben onszelf gedwongen om op onze handen te gaan zitten en in gesprek te gaan met onze cliënten over hun ware behoefte”. Jolande Tijhuis: “Wij denken dat we 30 tot 40 procent minder geld nodig hebben en tegelijkertijd betere zorg kunnen leveren.” De transformatie van een gesloten ‘black box’ organisatie naar een open netwerkorganisatie vraagt veel van iedereen binnen Vincent van Gogh, maar de kunst is om te durven en niet op te geven als iets anders loopt dan gepland. Haar oproep aan medebestuurders is dan ook: “Jullie zijn degene die de steen in de vijver moeten gooien, just do it!”
Wat is er nodig?
Na de paneldiscussie ging Erik Heineman (Kinderchirurg Universitair Medisch Centrum Groningen) in op het belang van tribes en teams in de zorg. Het belang van de paradigma verschuiving van ego: ‘Ik denk dus ik besta’ naar eco: ‘Ik ben omdat wij bestaan’ kwam uitgebreid aan bod. Aan de vele blikken van herkenning vanuit de zaal werd duidelijk dat de uitdaging om deze paradigmashift te realiseren in de praktijk nog niet zo makkelijk is.
De laatste spreker van de dag was Rudi Westendorp (Hoogleraar Ouderengeneeskunde Universiteit Kopenhagen) met een vlammend betoog over de revolutie van de burger. “De gezondheidszorg zoals is die nu is bepaalt eigenlijk zelf wat zij levert. Burgers moeten helder maken wat de gezondheidszorg voor hun moet doen. Maar dat is de omgekeerde wereld en dat zijn we niet gewend.”
Lea Bouwmeester rondde de ochtend af met een oproep aan alle aanwezigen om elkaar te ontmoeten om door te praten over transformatie, om daarna in actie te komen. Na afloop was nog ruim de gelegenheid om na te praten over transformatie onder het genot van een lunch.
Benieuwd naar de presentatie van de sprekers? Deze kunt u via onderstaande links downloaden:
Niek van den Adel – Transformatie vanuit de bedoeling
Jonathan Sheffi – Transforming the world of healthcare
Erik Heineman – Tribes en teams in de zorg
Rudi Westendorp – De toekomst van de gezondheidszorg: geen innovatie maar revolutie
Meer weten?
Neem contact op met Philip Idenburg als u meer wilt weten over de uitdagingen rondom transformaties. Mogelijke onderwerpen om verder op in te gaan zijn:
Hoe inspireer ik de rest van mijn organisatie om te transformeren?
Wat zijn de kansen en uitdagingen van mijn organisatie?
Hoe realiseer ik de transformatie in mijn organisatie met impact?
Onze westerse gezondheidszorg staat voor grote uitdagingen. Hoe houden we de zorg toegankelijk en van goede kwaliteit zonder dat de kosten de pan uitrijzen, terwijl de zorgvraag wel toeneemt? Hoe krijgen we werkelijk tijd om samen met mensen een passend antwoord te vinden op hun zorg- of ondersteuningsvraag? En hoe gaan we om met de huidige werkdruk en de schaarste aan zorgpersoneel?
Het openingscongres van de Zorg & ICT staat in teken van zorgtransformatie. Op 17 april wisselen we met grensverleggers uit de zorg van gedachten over de vraag hoe we transformatie in de zorg kunnen versnellen. Onder leiding van Lea Bouwmeester kijken we naar hoe succesvolle transformatie werkt in de praktijk. Wat is de gemene deler van het succes? Wat zijn de belangrijkste leerlessen en valkuilen? Welke tools hebben deze organisaties gebruikt?
Het programma Diagnose Transformatie deelt gedurende de ochtend de resultaten van ruim twee jaar internationaal onderzoek naar transformaties in de zorg. Met onder andere een keynote van: Jonathan Sheffi – Head of Life Sciences & Genomics Google en presentaties van Rob Hoogma – Siza, Geert van den Enden – Bernhoven, Jolande Tijhuis – Vincent van Goght en nog vele andere interessante sprekers! Geïnteresseerd en wilt u meer weten? Klik dan hier.
Wilt u hier bij zijn?
BeBright heeft een beperkt aantal kaarten beschikbaar. Wilt u hier gebruik van maken? Neem dan contact op met diagnoseteam@bebright.eu. Graag zien we u terug op 17 april.
De gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam willen hun dienstverlening verbeteren. Samen met BeBright hebben deze gemeenten de wereld van kinderen met een beperking en autisme door middel van Design Thinking in kaart gebracht. Deze manier van interactie met professionals en ouders van deze doelgroep vraagt het nodige van gemeenten, maar blijkt zeer waardevol om toe te passen voor innovatie. De nieuwe manier van werken heeft een hoop ingrediënten opgeleverd om innovatieprojecten te starten. De inzichten laten zich samenvatten in een leidraad, oftewel; een recept voor innovatie.
We maken gebruik van cookies en andere technologieën om jouw ervaring op onze website te optimaliseren. Hiermee kunnen we informatie opslaan en analyseren, zoals je surfgedrag en unieke voorkeuren. Door akkoord te gaan, help je ons om de site nog beter af te stemmen op jouw wensen. Wil je liever geen cookies? Geen probleem, maar houd er dan rekening mee dat sommige functies mogelijk niet optimaal werken.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.