+31(0)30 88 879 27 office@bebright.eu
De vernieuwende kracht van VPT (Volledig Pakket Thuis)

De vernieuwende kracht van VPT (Volledig Pakket Thuis)

 

Het dienstverleningsconcept Volledig Pakket Thuis (VPT) biedt de kans om verder te kijken dan de traditionele zorgprincipes van verpleeghuiszorg en wijkzorg. Hoewel veel organisaties nog steeds vasthouden aan deze vertrouwde principes en businessmodellen, liggen er mogelijkheden om binnen VPT meer aandacht te besteden aan de wijze waarop clienten ondersteund worden met welzijn en zorg. Dit vraagt om een vernieuwende benadering van teamsamenstelling, functiemix, denk- en werkwijze van medewerkers en sturingsprincipes. Daarnaast kunnen technologie, hulpmiddelen en samenwerking met de informele zorg veel effectiever worden benut. In dit artikel delen we een aantal principes voor toekomstbestendige VPT.

Waarom inzetten op VPT?
De vraag naar langdurige zorg en ondersteuning voor kwetsbare mensen blijft toenemen. Door personeelstekorten en toenemende zorgkosten is deze toenemende vraag niet binnen verpleeghuizen op te vangen. Bovendien is het niet meer van deze tijd om ouderen met een zorg- en ondersteuningsbehoefte te isoleren in gesloten of naar binnen gekeerde settings. Met het Volledig Pakket Thuis (VPT) kan zorg en ondersteuning in de thuisomgeving worden geleverd.

Het programma WOZO stimuleert het VPT onder het motto: ‘Zelf als het kan, thuis als het kan en digitaal als het kan’. Ook de zorgkantoren ondersteunen de VPT-ontwikkelingen, zodat zorg beschikbaar blijft voor wie dat nodig heeft.

Toekomstbestendige invulling van VPT
Bij het VPT is wonen strikt gescheiden van welzijn en zorg: zorgorganisaties bieden zorg en welzijn, met een nadruk op welzijn en begeleiding. Huisvesting valt buiten het pakket, dat betalen en regelen cliënten zelf. Een toekomstbestendig VPT vereist meer dan het simpelweg aanpassen van intramurale zorg naar een nieuw concept. Het gaat om visie en de juiste principes. Hieronder beschrijven we 7 uitgangspunten voor duurzame invulling van VPT.

1. Pas niet 1-op-1 principes uit verpleeghuis- of wijkzorg toe
Het VPT biedt zorg en ondersteuning aan huis voor mensen met een (intensieve) zorgvraag, met een sterke focus op welzijn en het inschakelen van het netwerk van de cliënt (informele zorg). Zorgtaken worden gecombineerd met welzijnsactiviteiten, bijvoorbeeld samen boodschappen doen en koffiedrinken. Deze benadering met een focus op begeleiding en structuur aanbrengen is significant anders in vergelijking met de focus op zorg in de intramurale setting. Medewerkers krijgen daardoor te maken met andere diverse taken en werken voortaan in langere ondersteuningsmomenten in plaats van het uitvoeren van een zorgtaak en door moeten naar de volgende cliënt. Voor de organisatie zijn er ook grote veranderingen. Zo spelen er andere risico’s omdat de zorgverleners niet 24/7 aanwezig zijn. Daarom vereist het VPT een nieuwe aanpak van risicobeheer en het maken van gezamenlijke afspraken met de cliënt en het netwerk.

2. Succes door visie, uitgedacht concept en business case
Het succes van het VPT hangt af van een duidelijke visie binnen de organisatie. Het concept moet aansluiten op de interne processen, werknemers en cliënten. En iedereen moet begrijpen wat het dienstverleningsconcept VPT binnen de organisatie inhoudt. Essentiële onderdelen zoals waardepropositie, de doelgroep, de operatie en de levering moeten goed gedefinieerd zijn. Bepaal bijvoorbeeld wat wel en niet binnen het VPT valt. Een volledig pakket thuis betekent niet dat alles thuis geleverd móet worden.

Ook is een solide businesscase noodzakelijk voor een succesvolle implementatie, inclusief het berekenen van het budget per cliënt. Een rekentool helpt bij het bepalen van de mogelijkheden voor welzijn en zorg binnen dit budget.

3. Echt samen: gelijkwaardige samenwerking met familie en sociaal netwerk
De basis van het VPT is samenwerking en het bieden van holistische en gepersonaliseerde zorg. Dit begint met gesprekken met de cliënt, de familie en naasten om te bepalen wie welke taken op zich kan nemen. Het VPT-team biedt ondersteuning als de cliënt of het sociale netwerk bepaalde taken niet kan uitvoeren. De zorgbehoefte van de cliënt wordt afgewogen tegen de inzet van het personeel.

Bij het VPT levert één organisatie samen met onderaannemers, alle diensten en zorg. Belangrijke vragen hierbij zijn: wat kan cliënt, familie en/of netwerk zelf, wat doen wij als organisatie, en wat besteden we uit?

4. VPT door een VPT-team, met eigen manier van werken en handelen
De combinatie van welzijn en zorg bij mensen thuis vraagt om een andere benadering dan in de intramurale zorg. Zorgwerknemers uit een intramurale setting hebben van oorsprong een andere benaderingswijze wat van hen een aanpassing vraagt in wijze van werken en handelen om deze cliënten binnen VPT te helpen. De focus ligt minder op zorg, maar op structuur en begeleiding bieden voor de bewoner. Een gespecialiseerd VPT-team kan de focus op welzijn en samenwerking sterk uitgedragen. De winst bij dit VPT-team zit hem in het integraal uitvoeren van de zorg, ondersteuning en welzijnstaken en deze niet als losse onderdelen te zien. Met een andere teamsamenstelling kan ondersteuning aan de cliënt goed en efficiënt worden georganiseerd.

5. Technologie ondersteunend aan VPT-visie en faciliterende back-office
Technologie is geen doel op zich maar een middel om de VPT-visie in de praktijk te brengen. Thuismonitoring kan bijvoorbeeld helpen om medewerkers efficiënt te laten werken en reisbewegingen te voorkomen. Dit creëert ruimte voor meer persoonlijke aandacht voor cliënten die dat nodig hebben. Ook een efficiënte back-office is essentieel om medewerkers te ondersteunen en tijd te besparen

6. VPT-locaties vragen om een nieuw vastgoedconcept
Een VPT-locatie is in de eerste plaats een woongebouw, is open en interacteert met de omgeving. Het concept is gericht op behoud van het sociale netwerk van bewoners, zorgt ook voor betrokkenheid van de wijk en maakt zo een andere rol van de zorgorganisatie mogelijk. Intramurale locaties kunnen daarom niet vanzelfsprekend gebruikt worden voor VPT-zorg, omdat die de relatie met de wijk en de identiteit als woongebouw vaak deels in de weg staat. Ook zal intramurale zorg in de toekomst vooral voorbehouden zijn aan de zwaarste doelgroep, die niet meer in een eigen huis kan worden met ondersteuning.

Het vastgoed voor het VPT stelt andere eisen aan de woonomgeving dan intramurale zorg. Dit vraagt om een andere visie op vastgoed. Waar intramurale locaties naar binnen gekeerd zijn en gericht zijn op efficiëntie, fungeert een VPT-locatie als een eigen huis, met gemakkelijk contact met de samenleving.

7. VPT is onderdeel van de wijk
Bij het VPT in de wijk blijven mensen thuis of zoveel mogelijk in de eigen en vertrouwde omgeving wonen, met een sociaal netwerk van buren, vrienden en familie. We willen voorkomen dat cliënten hun netwerk verlaten, wat bij een intramurale setting nog weleens het geval is. Het principe van de ‘zorgzame buurt’, waarin mensen naar elkaar omkijken, is hierbij essentieel. Dit geldt ook voor geclusterde VPT-locaties, een plek met meerdere VPT-woningen, waarvan het belangrijk is dat ze onderdeel zijn van de wijk en zorgen voor een levendige en diverse woonomgeving. Kortom: versmelting met de samenleving!

Ben je benieuwd hoe je jouw organisatie klaarstoomt voor het Volledig Pakket Thuis? Wil je weten hoe je een vervolgstap zet? Of heb je wellicht inzichten en tips voor BeBright vanuit eigen ervaringen? Onze collega’s komen graag met je in contact! Neem contact op met Sjoerd Emonts of Arjo Mans. Heb je een vraag over vastgoedconcepten in relatie tot VPT, neem dan contact op met Arnout Siegelaar.

Zorgorganisatie Careyn heeft in samenwerking met BeBright het Volledig Pakket Thuis succesvol geïmplementeerd. Lees hier hun ervaringen: https://bebright.eu/ouderenzorg-vpt-careyn/.

Interessant artikel? Meld je dan hier aan en ontvang elke 2 maanden de BeBright nieuwsbrief.

Meer weten?

Neem vrijblijvend contact op! 

Investeer in duurzame inzetbaarheid van medewerkers in de VVT-sector

Investeer in duurzame inzetbaarheid van medewerkers in de VVT-sector

Met trots kondigen we aan dat BeBright nu interventiepartner is van het programma Over Morgen. Dit programma wordt uitgevoerd door A+O VVT, een samenwerkingsverband van werkgevers- en werknemersorganisaties in de VVT-branche dat zorgorganisaties ondersteunt bij het verbeteren van de duurzame inzetbaarheid van hun medewerkers.

Over de Regeling Duurzame Inzetbaarheid
Via het programma Over Morgen van A+O VVT kunnen zorgorganisaties in de VVT-sector gebruikmaken van de MDIEU-subsidie (Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid & Eerder Uittreden). De overheid heeft de MDIEU-subsidie in het leven geroepen om organisaties te ondersteunen bij het versnellen van hun investeringen in menselijk kapitaal. BeBright is geselecteerd als een gecontracteerde interventiepartner binnen deze subsidieregeling, wat betekent dat onze diensten in aanmerking komen voor vergoeding. Dit biedt zorgorganisaties een unieke kans om te profiteren van onze expertise op het gebied van duurzame inzetbaarheid.

Voorbeeldinterventies van BeBright
Bij BeBright weten we dat gelukkige en veerkrachtige medewerkers essentieel zijn voor het succes van een organisatie. In de komende jaren zullen het waarborgen van een kwantitatief en kwalitatief sterk medewerkersbestand, en het bevorderen van duurzame inzetbaarheid, de belangrijkste strategische uitdagingen zijn voor elke bestuurder in de zorg en het sociaal domein. Ofwel, investeren in menselijk kapitaal is essentieel.

Als interventiepartner biedt BeBright verschillende interventies die gericht zijn op het vergroten van werkplezier, het versterken van leiderschap en het stimuleren van talentontwikkeling. Enkele voorbeelden zijn:

Werkplezier als kloppend hart van de organisatie
Deze interventie focust op het versterken van werkplezier door aandacht te besteden aan bevlogenheid, talentmanagement, werkinrichting en gezondheid. Dit wordt bereikt door middel van een werkplezierscan, realiteitscheck-bijeenkomsten en een bijeenkomst voor het ontwikkelen van een stappenplan.

Leiderschap en veranderverhaal in tijden van verandering
Deze interventie ondersteunt leidinggevenden bij het ontwikkelen van een inspirerend en consistent veranderverhaal, wat bijdraagt aan rust en stabiliteit binnen de organisatie.

Talentvolle medewerkerreis
Deze interventie helpt organisaties om talentmanagement te verankeren gedurende de gehele loopbaan van medewerkers; van werving en selectie tot verankering in de verdere carrière.

Wil je meer weten over de interventies die BeBright aanbiedt? Bekijk dan alle mogelijkheden op onze website.

Aanmelden voor gesubsidieerde interventies
Het programma Over Morgen verstrekt vouchers voor gesubsidieerde interventies. De aanvraagperiode loopt van 1 tot 21 september 2024, met toekenning in oktober, zolang het budget toereikend is. Meer informatie over de regeling en hoe je een voucher kan aanvragen, vind je hier.

Inspiratie opdoen?
Schrijf je hier in voor een webinar uit de proeverij en maak kennis met diverse interventiepartners, waaronder BeBright. We hopen je daar te zien!

Heb je interesse in de subsidie en/of onze interventies, voor vragen kun je contact opnemen met Sander Konings van BeBright.

Waar wij opdrachtgevers in de VVT bij helpen
Wij helpen onze opdrachtgevers in de VVT voorbereiden op de toekomst en helpen om verandering in de praktijk te brengen. Samen met hen gaan we aan de slag met transformatieopgaven:

Visie, strategie & transformatie
Innovatie & digitalisering
Mens & ontwikkeling
Preventie & gezondheid
Analyses, inzichten & regiobeelden
Wonen en zorg & zorgvastgoed
Samenwerking & netwerken
Realisatie

 

Interessant artikel? Meld je dan hier aan en ontvang elke 2 maanden de BeBright nieuwsbrief.

Meer weten?

Neem vrijblijvend contact op! 

Werkplezier, is het de ziel van de zaak? Impressie van HR managers uit de VVT

Werkplezier, is het de ziel van de zaak? Impressie van HR managers uit de VVT

 

Op 10 juni kwamen 11 HR Managers uit de VVT-sector bijeen voor een diner, georganiseerd BeBright, Visiom en Movimento. Het doel van de avond was om HR-managers van diverse organisaties met elkaar in contact te brengen en met elkaar te discussiëren over hoe werkplezier gestimuleerd kan worden. Tijdens een gezonde maaltijd ontstonden levendige gesprekken over dit cruciale thema.

De gesprekken werden verdiept door twee boeiende presentaties. Meijke van Herwijnen (Visiom) presenteerde een nieuw denkkader over het omgaan met veranderingen in de snel veranderende wereld van vandaag. Ellis Boerkamp (BeBright) bracht de nieuwste inzichten over wendbare organisaties en veerkrachtige medewerkers naar voren. Ze opende het gesprek met de prikkelende vraag: is werkplezier de slagroom op de taart is of juist de ziel van zaak?

Werkplezier: luxe of noodzaak?
De aanwezigen werden het snel eens: werkplezier is de ziel van de zaak. Toch lijkt, vooral als er financiële uitdagingen zijn, de bereidheid om blijvend te investeren in werkplezier te verminderen. Werkplezier wordt dan soms gezien als een luxe. Hoewel investeren vaak wordt geassocieerd met met financiële middelen, kwamen tijdens het diner ook andere manieren van investeren in werkplezier naar voren:

1. Luisteren
Het klinkt als een open deur, maar echt luisteren naar  elkaar en naar de medewerker is lang niet altijd vanzelfsprekend. De tijd nemen voor een goed gesprek is lastig in minuten uit te drukken in tijd; het gaat om de houding, rust en oprechte aandacht die wordt ervaren. Een goed gesprek kan zelfs in minder dan tien minuten plaatsvinden.

2. De kracht van het team
In een team bevindt zich een hefboom. Fijne collega’s en een prettig team zorgen voor meer werkplezier. Start daarom in de teams en wees je bewust van generatieverschillen. Een goede dialoog bevordert wederzijds begrip, wat pleit voor het faciliteren van gesprekken waarin verschillen bespreekbaar worden gemaakt.

3. Leiderschap is van iedereen
Leiderschap gaat over egoloos denken en iedereen kan hier een voorbeeld voor zijn. Gelijkwaardigheid wordt vaak gepromoot als iets tussen medewerker en cliënt, maar het moet ook bestaan tussen medewerkers onderling en tussen medewerker en leidinggevende. Samenwerking is essentieel, waarbij ieder vanuit eigen kracht en bijdrage werkt.

4. Zorgen voor of zorgen dat…?
Durf bovenstaande vraag om te draaien en help medewerkers hierbij. Een voorbeeld: als het doel is om bewoners zo lang mogelijk zelfstandig te laten functioneren, wie zet dan de koffie? Is dat de verzorgende of neemt de verzorgende plaats aan tafel en zet de bewoner koffie? Dergelijke gedachten prikkelen de geest.

5. Omgaan met ongemak
In de afgelopen decennia lijkt het alsof alles maakbaar is en ongemak vermeden moet worden. Niet voor niets is het begrip ‘curlingouders’ ontstaan. Nieuwe geluiden roepen echter op om niet meer te spreken over ‘cure’ en ‘care’ maar over “heal” en “deal”. Het erkennen dat niet alles oplosbaar is, en dat sommige situaties gewoon zijn zoals ze zijn, draagt volgens de aanwezigen bij aan de veerkracht en rust bij medewerkers.

6. Vertraag
Neem af en toe afstand, ga op het ‘balkon’ zitten en wacht met direct een besluit te nemen. Gun je eigen prefortale cortex rust en vermijd de constante druk om snel te handelen. Als je jezelf dat gunt, merken ook de mensen om je heen het positieve effect van vertragen. Er ontstaat ruimte voor plezier!

Uitnodiging volgend diner
Wil jij er ook bij aanwezig zijn op het moment dat deze inzichten verzameld worden? Op 23 januari 2025 organiseren we weer een HR-leiderschapsdiner. Dit keer voor de medisch-specialistische zorg. Het wordt een avond waarin we positieve inzichten delen en verbinden met de visie en ideeën van collega HR-leiders uit de sector.


Heb je interesse om een HR-leiderschapsdiner bij te wonen, of ben je benieuwd naar de inzichten uit de presentaties? Neem contact op met Ellis Boerkamp (BeBright), Pleuni Vullers (BeBright) of Meijke van Herwijnen (Visiom BeBright Academy)

Waar wij opdrachtgevers in de VVT bij helpen
Wij helpen onze opdrachtgevers in de VVT voorbereiden op de toekomst en helpen om verandering in de praktijk te brengen. Samen met hen gaan we aan de slag met transformatieopgaven:

Visie, strategie & transformatie
Innovatie & digitalisering
Mens & ontwikkeling
Preventie & gezondheid
Analyses, inzichten & regiobeelden
Wonen en zorg & zorgvastgoed
Samenwerking & netwerken
Realisatie

Interessant artikel? Meld je dan hier aan en ontvang elke 2 maanden de BeBright nieuwsbrief.

Meer weten?

Neem vrijblijvend contact op! 

Van Intensieve menshouderij naar werkplezier in de zorg: reflecties van Gert Leeftink

Van Intensieve menshouderij naar werkplezier in de zorg: reflecties van Gert Leeftink

Werkplezier Werkt!’. Onder deze programmatitel werkt BeBright al ruim een jaar samen met Espria. Maar hoe werkt werkplezier dan precies en waarom is het een cruciaal onderdeel van transformatie? Gert Leeftink, tot voor kort programmadirecteur Mens en Arbeid bij Espria, startte samen met een collega de beweging. Hij is vers met pensioen. In dit artikel deelt hij zijn ervaringen, inzichten en opvattingen over wat werkelijk telt in het werk, en in het leven.

Aanvankelijk aarzelde Gert in 2016 toen hij werd gevraagd om aan te treden als programmadirecteur Mens en Arbeid bij Espria. Kort daarvoor had hij een ernstige ziekte doorgemaakt en eigenlijk wilde hij vooral de draad weer oppakken als directeur bij thuiszorgorganisatie Icare. Dat deed hij in de eerste instantie ook. “Maar zoals vaak het geval is bij mensen die een ingrijpende ervaring hebben meegemaakt, realiseerde ik me dat ik niet meer paste in de maalstroom van het verleden.”  

Alleen mezelf
Gert accepteerde alsnog de uitnodiging van Espria en begon in de zomer van 2017 aan, zoals hij zelf zegt, een ingewikkelde, bijna onmogelijke baan. “Voor het eerst in mijn carrière had ik geen formele bevoegdheden. Ik moest het simpelweg doen met mezelf. Maar ik besloot het aan te gaan.  Ik wilde na mijn pensioen niet terugkijkend denken: had ik het toch maar gedaan.” Gert wist ook dat bevoegdheden geen garantie zijn om veranderingen in gang te zetten. “Het heeft vooral te maken met wie de mouwen wil opstropen.”  

Intensieve menshouderij
Over organisaties die hun medewerkers beschouwen als productiemiddel heeft Leeftink sterke opvattingen. Tegelijkertijd herkent hij deze zienswijze. “Beschamend genoeg realiseerde ik me dat ik van Icare een organisatiesysteem had gemaakt dat leek op een intensieve menshouderij. Het was een zorgfabriek, en die draaide heel goed, ook financieel. Maar we namen de mensen onvoldoende serieus, terwijl zij het belangrijkste draaipunt vormen. ”

Elkaar waarderen als vakmens én mens
Deze confronterende ervaring leidde ertoe dat Gert besloot zich te wijden aan het thema werkplezier. Een thema dat volgens hem urgent is maar binnen veel organisaties nog te weinig opgepakt wordt. “In werken aan werkplezier neem je je collega’s serieus, je ziet en waardeert elkaar als vakmens en als gewoon mens. Vanuit dat perspectief vertrouw je erop dat cliënten en bewoners de beste zorg krijgen en collega’s het fijn vinden om te werken. Werken aan werkplezier is daarmee niet instrumenteel, maar fundamenteel.”   

Zoek naar wat mensen drijft
“Mensen die in de zorg willen werken, doen het vaak niet voor het geld, anders hadden ze wel een andere carrière gekozen. Ze gaan ‘aan’ op iets anders en daar moeten we op inspelen om mensen te verbinden.” Om te beschrijven waar die ‘aan knop’ bij zorgmedewerkers zit, gebruikt Gert de vier amplitiethema’s: Bevlogenheid, Talentmanagement, Werkinrichting en Vitaliteit. (Lees hier meer over deze thema’s: https://bebright.eu/amplitie-zorg-welzijn/) Bevlogenheid is volgens hem het startpunt, omdat het gaat over het verlangen om ergens voor te willen gaan. “Organisaties moeten actief zoeken naar wat hun medewerkers drijft om deze bevlogenheid aan te kunnen wakkeren. Je moet het als organisatie mogelijk maken om bij je talent te kunnen komen en er iets mee te doen.”

Het team dichtbij
Om medewerkers te stimuleren, zijn er volgens Gert altijd een paar opties om het werkklimaat aangenaam maken. Zo zou er meer gekeken moeten worden naar zaken als het werken aan een prettige sfeer in het team, het versterken van leidinggevenden en het zorgen voor roosters die werk en privé in balans brengen. Gert noemt de vraag “heb ik het hier fijn met mijn team?” een basisvraag. Het team is voor veel mensen het draaipunt: daar moet het goed zitten.

Vitaliteit
Gert verbindt het vierde thema vitaliteit aan loyaliteit. “Veel mensen willen niet uitvallen omdat ze loyaal zijn aan hun klanten, het team, het gezin… Ze zetten zichzelf vaak op de laatste plaats.” Welbevinden gaat behalve over de balans, ook over de verantwoordelijkheid van medewerkers om zelf inzetbaar te blijven. Ook koppelt Gert welbevinden aan de inspanningen van de organisatie om de medewerkers te ondersteunen als ze zelf die verantwoordelijkheid beperkt kunnen dragen. 

Liefdevol ontmoeten zonder op de klok te kijken
Werkgeluk en werkplezier gaan in essentie over oprechte ontmoetingen en oprechte nieuwsgierigheid, stelt Gert. “Anders gezegd: het gaat allemaal om liefde voor de mensen met wie je werkt. Bij een oprechte ontmoeting ontstaat energie die een onomkeerbare verandering in beweging kan zetten. Als je niets voor de mensen voelt, is het de vraag of je ze serieus neemt en kunt waarderen.” Ook je thuis voelen in een team en kwetsbaar durven zijn, heeft volgens Gert alles te maken met verbinding en elkaar kunnen ontmoeten.

Voor liefdevol ontmoeten is tijd nodig die zich niet altijd laat leiden door kloktijd. “De manier waarop we nu tijd inrichten is ergens in de industriële revolutie bepaald, om onze economie en het leven mee te organiseren. Nu leven we voortdurend onder tijdsdruk. Zelfs als we samen zijn kijken we nog op de klok. Dan moet je je afvragen: ben ik nog in verbinding? Tijdens een oprechte ontmoeting staat de tijd stil. In zulke momenten wordt de basis gelegd voor vooruitgang.” 

Goed werkgeverschap
De woorden van Gert onderschrijven het belang om amplitie blijvend op de agenda te zetten. Het stimuleren van werkplezier en welbevinden is niet iets dat je kunt optimaliseren tot een hoogtepunt en waar je vervolgens niets meer aan hoeft te doen. Het is de basis voor vooruitgang en een succesvolle transformatie, alleen zo kunnen we in beweging blijven met elkaar. Zorg er dus voor dat het ingebed is in de organisatie voor blijvend resultaat.

BeBright begeleidt Espria bij het ontwikkelen en realiseren van een beweging voor meer welbevinden van medewerkers. Ben jij benieuwd hoe jouw organisatie zo goed mogelijk invulling kan geven aan goed werkgeverschap? Wil je samen inzetten op het vergroten van welbevinden en werkplezier van medewerkers? Of heb je inzichten en tips vanuit eigen ervaringen? Neem contact op met Ellis Boerkamp of Bo Fokkes

 

Interessant artikel? Meld je dan hier aan en ontvang elke 2 maanden de BeBright nieuwsbrief. Lees ook ons eerdere artikel HR-leiders uit de VVT delen inzichten.

Meer weten?

Neem vrijblijvend contact op! 

adviseur regiescan

Ellis Boerkamp

+31(0)30 88 879 27
ellis.boerkamp@bebright.eu

adviseur regiescan

Bo Fokkes

+31(0)30 88 879 27
bo.fokkes@bebright.eu

Zorgvraag en arbeidsmarkttekort voor VVT: prognoses tot 2050

Zorgvraag en arbeidsmarkttekort voor VVT: prognoses tot 2050

Serie: De ouder wordende samenleving richting 2050 in cijfers

Afgelopen weekend was het Bevrijdingsdag en stonden mensen te dansen op één van de vele festivals in het land. Wat als we je vertellen dat in 2050 de verwachting is dat de zorgbehoefte in de verpleeghuizen stijgt met ruim 4,5 keer het aantal mensen dat op Bevrijdingsfestival Utrecht stond (41.500 bezoekers)? En dat als er niets verandert het verwachtte arbeidsmarkttekort in de sector Zorg en Welzijn in Nederland zelfs 6 keer het aantal bezoekers van Bevrijdingsfestival Utrecht is? We vertellen je er graag meer over aan de hand van een aantal beleidsarme prognoses tot 2050. In ons eerste artikel van deze reeks beschreven we de kloof tussen de vergrijzing en de arbeidsmarkt. Dit artikel zoomt in op de verwachte zorg- en ondersteuningsvraag en de ontwikkeling van het arbeidsmarkttekort tot 2050 in de VVT.

Relatief zorggebruik onder 75-plussers lijkt af te nemen in 2050
Naar verwachting zal het gebruik van verpleeghuiszorg, wijkverpleging en huishoudelijke hulp door mensen van 75 jaar en ouder aanzienlijk toenemen richting 2050. De toename is respectievelijk 143%, 74% en 75%. De grootste groei wordt verwacht voor de verpleeghuiszorg: het aantal 75-plussers dat gebruik maakt van deze zorg zal stijgen van 135.000 in 2020 naar 329.000 in 2050, een stijging van 143%.

prognose zorggebruik VVT

Het aandeel 75-plussers dat gebruikmaakt van verpleeghuiszorg, wijkverpleging en huishoudelijke hulp wordt in 2050 lager verwacht dan in 2020 (AZW, 2022). Volgens de prognose bedraagt het zorggebruik onder 75-plussers in 2020 82% en neemt dit af richting 2050 tot 75%.

In 2050 bijna 1,5 keer zoveel cliënten verpleeghuiszorg verwacht
In de onderstaande grafiek wordt de ontwikkeling van het aantal cliënten in de verpleeghuiszorg per zorgprofiel (ZZP) weergegeven. Tegen 2050 wordt verwacht dat het aantal cliënten met een zwaardere ZZP relatief gezien sneller toeneemt. Dit geldt met name voor cliënten met ZZP5 die beschermd wonen en intensieve dementiezorg nodig hebben. Het aantal van deze cliënten zal tussen 2020 en 2050 sterk toenemen. Deze prognose sluit aan bij de verwachting dat het aantal mensen met dementie richting 2050 bijna zal verdubbelen ten opzichte van 2020.

Ontwikkeling cliënten VVT prognose

40% van de mensen (65+) die sterven maakte geen gebruik van Wlz-zorg of palliatief terminale wijkverpleging
In 2021 overleden in Nederland in totaal 147.911 mensen van 65 jaar en ouder. Van deze groep ontving 16% palliatief terminale wijkverpleging en 44% maakte gebruik van Wlz-zorg (CBS, 2022; Vektis, 2018). De overige 40% van de overleden 65-plussers maakte geen gebruik van deze zorgvormen. Op basis van deze verdeling in 2021 door berekend naar 2050, neemt het gebruik van Wlz-zorg of palliatief terminale wijkverpleging met 37% toe tot 121.331 65-plussers.

Zorggebruik periode van overlijden

In 2050 bijna 6 keer aantal bezoekers bevrijdingsfestival Utrecht (41.500) aan arbeidsmarkttekorten verwacht
In ons vorige artikel beschreven we dat na een lichte groei het aantal mensen dat werkzaam is in de sector zorg en welzijn zal stabiliseren, terwijl de zorg- en ondersteuningsvraag van 75-plussers blijft groeien. Prognoses wijzen op aanzienlijke arbeidsmarkttekorten in 2050 en benadrukken de noodzaak voor het vinden van transformatie-oplossingen.

Arbeidsvraag VVT prognose

In 2020 was er in de VVT-sector een totale arbeidsvraag voor 482.000 personen, waarvan 451.000 posities waren ingevuld. Dit resulteerde in een tekort van 26.000 personen (PMZW-Actiz, 2020). Prognoses tot 2050 wijzen op een verwacht tekort van 243.000. Een nadere blik op de cijfers toont aan dat de tekorten groter zijn in de verpleging en verzorging. Daarnaast is te zien dat de tekorten het meest toenemen in de periode 2030-2040.

Arbeidsmarkttekort prognose VVT ouderenzorg

Grootste arbeidsmarktkrapte verwacht in regio’s buiten de Randstad
In alle regio’s wordt in 2050 een tekort aan werknemers in de VVT verwacht. Per regio verschillen de arbeidsmarkttekorten enorm. De spanningsindicator* op basis van prognoses laat zien dat de tekorten in de VVT voornamelijk zullen oplopen in regio’s buiten de Randstad, bijvoorbeeld in Friesland, Noord-Oost Brabant en Limburg. In Amsterdam en Utrecht zijn de verwachtte tekorten het kleinst.

Spanningsmarktindicator VVT aantal werkzoekenden*Spanningsindicator: het aantal vacatures per 100 werkzoekenden. Een waarde < 10 is een (zeer) ruime arbeidsmarkt, 10 tot 30 is een gemiddelde arbeidsmarkt, 30 tot 100 is krap en > 100 is zeer krap.

Transformatie voor toekomstbestendige ouderenzorg
De prognose van de zorgvraag in combinatie met het arbeidsmarkttekort benadrukt de noodzaak van een fundamentele transformatie van werkmethoden en organisatiestructuren in de ouderenzorg. Een dergelijke onomkeerbare verandering is nodig om de zorg toegankelijk, betaalbaar en van hoge kwalitateit te houden. Landelijk beleid zoals WOZO, IZA, GALA, TAZ en de transformatieagenda van Ouder Worden 2040 sturen deze noodzakelijke transformatie aan. Specifiek binnen het WOZO-programma is uitbreiding van het aantal intramurale verpleeghuisplekken sterk beperkt. De focus ligt op: zelf, tenzij; thuis, tenzij; digitaal, tenzij.

In het landelijke programma Ouder Worden 2040 is vanuit een breed maatschappelijk perspectief een transformatieagenda ontwikkeld om de kansen en uitdagingen van de ouder wordende samenleving aan te pakken.

Download hier interessante publicaties van Ouder Worden 2040: Trends en ontwikkelingen in de ouder wordende samenleving en Toolkit.

 

Volgend artikel: prognoses over zorguitgaven in cijfers
In het volgende artikel van deze serie zoomen we verder in op zorguitgaven in cijfers. Later in deze reeks verkennen we oplossingsrichtingen en goede voorbeelden in het hier en nu.

Meer weten over deze cijfers of in gesprek over de oplossingsrichtingen? Neem dan contact op met Arjo Mans of Bo Fokkes.

Lees ook: De kloof tussen vergrijzing en de arbeidsmarkt in cijfers

Meer weten over deze cijfers of de oplossingsrichtingen die wij tegenkomen in de praktijk? Neem dan contact op met Arjo Mans of Bo Fokkes.

Waar wij opdrachtgevers in de VVT bij helpen
Wij helpen onze opdrachtgevers in de VVT voorbereiden op de toekomst en helpen om verandering in de praktijk te brengen. Samen met hen gaan we aan de slag met transformatieopgaven:

Visie, strategie & transformatie
Innovatie & digitalisering
Mens & ontwikkeling
Preventie & gezondheid
Analyses, inzichten & regiobeelden
Wonen en zorg & zorgvastgoed
Samenwerking & netwerken
Realisatie

Bronnen

  1. Overledenen naar regio, geslacht, leeftijd en Wlz-zorggebruik (CBS, 2022)
  2. Zorgthermometer ouderenzorg – Inzicht in de ouderenzorg. (Vektis, 2018)
  3. Houdbaarheid ouderenzorg tot 2050 (ABF, 2022)
  4. Prognosemodel Zorg en Welzijn. Dashboard – 1. Zorg en welzijn (breed) – Nederland

Interessant artikel? Meld je dan hier aan en ontvang elke 2 maanden de BeBright nieuwsbrief.

Meer weten?

Neem vrijblijvend contact op! 

adviseur regiescan

Arjo Mans

+31(0)30 88 879 27
arjo.mans@bebright.eu

adviseur regiescan

Bo Fokkes

+31(0)30 88 879 27
bo.fokkes@bebright.eu

De kloof tussen vergrijzing en de arbeidsmarkt in cijfers

De kloof tussen vergrijzing en de arbeidsmarkt in cijfers

In de krant, op TV, en op social media – overal om ons heen zien en horen we het: de Nederlandse samenleving vergrijst. Deze trend heeft grote gevolgen; van een knellende arbeidsmarkt tot een groeiende vraag aan zorg en ondersteuning. De impact van een ouder wordende samenleving wordt steeds zichtbaarder en voelbaarder. Maar wat betekent dit concreet? Hoe groot is die kloof tussen vraag en aanbod? In een reeks van artikelen belichten we de feiten en cijfers die onder deze trends schuil gaan. Dit eerste artikel plaatst de ontwikkeling van het aantal mensen van 75 jaar en ouder tegenover de ontwikkeling van het aantal mensen dat tot 2050 werkzaam zal zijn in zorg en welzijn.

De toekomst van de ouderenzorg staat voor een aanzienlijke opgave: het aantal ouderen stijgt flink en de arbeidstekorten in de zorg nemen alsmaar toe. Onderstaande grafiek toont de verhouding tussen het aantal 75-plussers en het aantal mensen werkzaam in zorg en welzijn in een ratio. Tegenover elke 75-plusser in 2010 stond 1,13 personen die in zorg en welzijn werkzaam waren. In 2024 is deze ratio 0,90. En in 2050 is dit naar verwachting slechts 0,62 personen per 75-plusser, een afname van 31% ten opzichte van 2024. Voor medewerkers in verzorging, verpleging en thuiszorg blijkt de ratio in 2010 0,36, afnemend naar 0,29 in 2024 en verder naar 0,22 in 2050: een daling van 24%. Deze trend is nu al merkbaar en zal zich tot 2050 voortzetten. Dat vraagt ontegenzeggelijk om een andere manier van het organiseren van zorg en welzijn.

Scenario Nieuw Beleid1: het percentage personen werkzaam in zorg en welzijn stijgt van 18,3% in 2024 naar 18,6% in 2033. Dit verklaart de afvlakking tot 2033, daarna is uitgegaan van een stabiel aandeel van 18,6%.

Ratio: mensen werkzaam in verpleging en verzorging ten opzichte van 75 jaar en ouder (indicatief)

Scenario Nieuw Beleid1: het percentage personen werkzaam in verpleging, verzorging en thuiszorg stijgt van 32,6% in 2024 naar 36,3% in 2033. Dit verklaart de afvlakking tot 2033, daarna is uitgegaan van een stabiel aandeel van 36,3%.

Onderliggende cijfers: ontwikkeling groep mensen van 75 jaar of ouder

Het aantal 75-plussers groeit fors. In 2005 waren er 1 miljoen inwoners 75 jaar of ouder, inmiddels zijn dat er 1,7 miljoen en in 2050 zijn 3 miljoen mensen 75 jaar of ouder2. Een groot deel van deze groep heeft vroeg of laat behoefte aan een vorm van zorg en ondersteuning.

Onderliggende cijfers: ontwikkeling van de arbeidsmarkt

De potentiële beroepsbevolking, geduid als personen tussen de 20 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd, vertoont in de komende decennia een lichte groei. Het structurele arbeidsaanbod zal van 10,9 mlj. in 2024 naar 11,4 mlj. in 2050 stijgen, met name dankzij een toenemende participatiegraad3,4. Desondanks zal er in de periode 2027-2040 een afvlakking plaatsvinden van het totale arbeidsaanbod, als gevolg van de uittredende babyboomers in die periode3. Na 2040 stijgt de bevolking 15 tot 74-jarigen en stijgt de participatiegraad verder door. Vooral onder vrouwen en oudere werknemers met een gemiddeld aantal gewerkte uren van 30,7 uur/week zal de participatiegraad toenemen3.

In 2024 werken 1,5 miljoen mensen in zorg en welzijn, waarvan 500.000 in verpleging, verzorging of thuiszorg (32,6%). Volgens prognoses groeit zowel het aantal als het aandeel mensen dat in zorg en welzijn en binnen de VVT werkzaam is. Het aantal mensen werkzaam in zorg en welzijn groeit naar 1,8 miljoen in 2033. Het aantal mensen werkzaam in verpleging, verzorging en thuiszorg groeit naar 654 duizend, oftewel 36,3%. Voor de periode na 2033 wordt uitgegaan van een stabiel percentage medewerkers in zowel de algemene zorg en welzijn als in de VVT1.

Onderliggende cijfers: de kloof tussen de groei van mensen van 75 jaar of ouder in vergelijking met de groei van de arbeidsmarkt

De kloof tussen de groei van de mensen van 75 jaar of ouder en de arbeidsmarkt komt pas echt aan het licht als we deze ontwikkelingen naast elkaar leggen in een index waarbij de grootte van de groep in 2024 als 100 is geduid. Vanaf 2024 tot 2050 zal het aantal 75-plussers met 70% toenemen, terwijl de potentiële beroepsbevolking in diezelfde periode groeit met 5%.

Volgend artikel: prognoses over zorgvraag in cijfers

Het volgende artikel van deze serie zoomen wij verder in op de kloof tussen vergrijzing en de arbeidsmarkt. We staan stil bij prognoses over de ontwikkeling van de zorgvraag, het arbeidsmarkttekort en welk inzicht dat biedt in cijfers. Later in deze reeks verkennen we oplossingsrichtingen en goede voorbeelden in het hier en nu.

Meer weten over deze cijfers of de oplossingsrichtingen die wij tegenkomen in de praktijk? Neem dan contact op met Arjo Mans of Bo Fokkes.

Waar wij opdrachtgevers in de VVT bij helpen
Wij helpen onze opdrachtgevers in de VVT voorbereiden op de toekomst en helpen om verandering in de praktijk te brengen. Samen met hen gaan we aan de slag met transformatieopgaven:

Visie, strategie & transformatie
Innovatie & digitalisering
Mens & ontwikkeling
Preventie & gezondheid
Analyses, inzichten & regiobeelden
Wonen en zorg & zorgvastgoed
Samenwerking & netwerken
Realisatie

Bronnen
1. Prognosemodel Zorg en Welzijn. Dashboard – 1. Zorg en welzijn (breed) – Nederland
2. Centraal Bureau voor de Statistiek Prognose bevolking; geslacht, leeftijd, achtergrond en generatie, 2021-2070
3. Centraal Plan Bureau. Arbeidsparticipatie En Gewerkte Uren Tot En Met 2060. (2019)
4. Centraal Bureau voor de Statistiek. Beroepsbevolking (2023)

Interessant artikel? Meld je dan hier aan en ontvang elke 2 maanden de BeBright nieuwsbrief.

Meer weten?

Neem vrijblijvend contact op! 

adviseur regiescan

Arjo Mans

+31(0)30 88 879 27
arjo.mans@bebright.eu

adviseur regiescan

Bo Fokkes

+31(0)30 88 879 27
bo.fokkes@bebright.eu